Etappe 8: Randa naar Grünsee Mountain Lodge (29 km, 2300 hoogtemeters)

Om 8 uur ontbijt ik in mijn eentje in een treurig klein zaaltje in het hotel. Het is een aparte boel hier. Alles ziet er oud (maar niet op een gezellige manier) uit. In de serre staat een grote audioset en een keyboard. Hier hebben ooit grote, foute feestjes plaatsgevonden. Maar of “ooit” afgelopen zomer, winter of 15 jaar geleden is, kan ik niet zeggen. In de serre hangt ook een stamgast die alleen iets onverstaanbaars bromt, totdat zijn tekkel hem met lang, maar verrassend afwisselend en creatief klaaglijk gezang overhaalt om te gaan wandelen. Op een tafel bij de ingang staat een computer en ligt ongeveer de helft van de boekhouding. De andere helft ligt in het even treurige café-gedeelte, gedomineerd door een driemiljoenmiljard inch televisie. De eigenaar pendelt regelmatig heen en weer tussen beide stapels papier. Het ontbijt is overigens prima.

Na het ontbijt ga ik op pad. Wegens de afsluiting van een deel van de Europaweg, die van Grächen naar Zermatt loopt, kan ik niet over de hangbrug boven Randa, en loop ik eerst wat lager richting Täsch, om daar een pad omhoog te nemen naar de Europaweg. Na een tijdje klimmen verschijnt de Matterhorn in beeld. Nog steeds een beetje verlegen, nu verstopt achter een andere berg, maar wel vrij van wolken. Als dat de hele dag zo blijft, heb ik straks bij Zermatt een prachtig uitzicht. Het weer is in ieder geval veelbelovend, en met iedere extra hoogtemeter wordt het uitzicht beter. Dan bereik ik de Europaweg, en vanaf daar slingert het pad met zeer vriendelijke hoogteverschillen richting Zermatt. Er valt regelmatig een stuk te rennen. Na korte tijd kom ik in Täschalp, waar ik even neerstrijk voor een cola en een abrikozengebak. Tja, als je niet uit een berghut komt met een lunchpakket mee, moet je toch wat.

Niet veel verder komen de echt mooie uitzichten op de Matterhorn, en veel meer van de hoge, besneeuwde bergen op de grens tussen Zwitserland en Italië. Ik word ingehaald door een gravelbiker (best knap op deze paadjes!), en we maken toeristische kiekjes van elkaar.

Dan zie ik een bordje “Oberrothorn”. Dat is de bonus peak van vandaag, en het is een flinke omweg, zowel in kilometers als in hoogtemeters. Ik had me thuis voorgenomen deze mee te pakken (net als de andere acht, daar ben ik ook deels op teruggekomen), maar gister na de pittige afdaling naar Herbriggen had ik dat plan toch maar laten varen. Bijna achthonderd extra hoogtemeters betekent dat ik vanaf de top nog 1100 meter moet afdalen naar mijn overnachtingsplek. Dat kunnen mijn knieën niet meer aan. Toch? Nu sta ik bij dat bordje. Na de makkelijke kilometers op de Europaweg voelt alles zo goed, dus ik pak de kaart er nog maar eens bij. Het pad naar boven voert over een (brede) graat, eerst naar de Unterrothorn (kunnen we daar altijd nog zien) en heet de avonturenweg. Ik ben verkocht.

Het pad over de graat blijkt inderdaad erg leuk (en niet spannend). Vanaf de Unterrothorn moet ik helaas eerst weer 100 hoogtemeters teruggeven voordat aan de laatste klim van 500 hoogtemeters naar de Oberrothorn kan beginnen. Het pad omhoog is makkelijk en redelijk vrij van losse stenen. Ik constateer dat de terugweg straks lekker vlot zal gaan. De weg omhoog gaat wel steeds langzamer. Is het de ijle lucht? Of de gebrek aan een lunchpakket? Het feit dat er geen waterbronnen op de route zijn? Of de 200 kilometer in de benen? Maakt allemaal niet uit, ik ben eraan begonnen en ik ga door.

Boven aangekomen wacht de beloning. Ik kan álle toppen in de wijde omgeving zien! Matterhorn, Dom, Weisshorn, Mont Blanc, Castor, Pollux, Dufourspitze, Zinalrothorn, en ga zo maar door. Het is zo overweldigend dat ik even mijn vader videobel om het moment te delen. Er komt een oudere man ook de top op. Hij legt zijn rugzak neer en haalt er zeker vijf verschillende flessen, thermosflessen en kleine flesjes drinken uit. Ik zeg dat ie wel een café kan beginnen. Hij vertelt dat ie de vorige keer hier te weinig water bij zich had. Dat snap ik wel: ik ben geen stroompje tegengekomen sinds het eerste bordje “Oberrothorn” en heb ook wel een beetje dorst. Bij gebrek aan drinken pak ik maar het zakje pinda’s dat ik eigenlijk voor de Barrhorn bedoeld had. Niet verstandig, want ik had dus al dorst, maar wel lekker!

Na drie kwartier besluit ik weer af te dalen. Ik heb zin in cola én een biertje (los van elkaar, mochten er Belgen of Duitsers meelezen). Net onder de top kijkt een hele familie steenbokken me aan. Ik zie één mannetje met enorme horens, en ook een jonge steenbok. Behoorlijk onder de indruk van die horens houd ik gepaste afstand, maak een paar foto’s en ren weer door. Het gaat inderdaad soepel, alleen het laatste stukje heeft nog een steile, met stenen bezaaide skihelling, maar die ben ik snel vergeten als ik bij de Grünsee Mountain Lodge aankom. Ik blijk de enige op een grote slaapzaal, mijn bed heeft uitzicht op de Matterhorn en er is een douche!

Morgen de laatste etappe. Nu echt zonder bonus peak, denk ik. Het is nog een behoorlijke tocht, en er moet toch een keer een eind aan komen. Als ik een beetje op tijd in Zermatt ben, kan ik nog even plannen maken voor donderdag.